Home

Verdwaald

 

Een aangrijpend verhaal.

Hoe een dag begint bij één van de drie deelneemsters samen met haar hond Tommie.

Geschreven door Martine, enige maanden na de groepsopleiding voor mensen met een autistische beperking , mede mogelijk gemaakt door "Vriendenclub Ellen".

We vinden het bijzonder, dat we deze blik in haar leven en belevingswereld met u mogen delen.

 

*******************************************************************

Verdwaald

 

Ik word wakker, het is duister, het waait en de regen tikt een ritme tegen mijn raam.

Het ritme van de dag.

Het geluid van de dag sluit ik nog even buiten, een warme hond rekt zich naast me uit.

“Nog eventjes baasje” lijkt hij te zeggen terwijl zijn kopje omdraait en zich weer nestelt in het dekbed.

 

Verdwaald in mijn gedachtes, als waren het kamers zonder huis, losse fragmenten ogenschijnlijk zonder samenhang.

 

De hond zucht en draait zich om en trekt mij weer even terug.

 

Ik sluit mijn ogen. Ik treed een kamer binnen, het is er donker, er staat een raam open want het tocht, en ik hoor de vloer kraken.

Licht wil ik, maar ik vind geen knop. Op de tast loop ik langs de muren en voel de wind langs mijn benen gaan. Mijn hand maakt ineens een knik…het raam.

Ik wacht even en trek het gordijn aan de kant. Misschien kan ik buiten iets zien waardoor ik weet waar ik ben.

Het is donker, ik ruik water, ik hoor het geluid van een plastic balletje tegen metaal.

Ik ben bij mijn opa en oma, maar waar is het bed en waar zijn de boeken, en het gele gordijntje wat naast het bed hangt en het matras van de boeken scheid.

Vragen dringen zich op maar blijven onbeantwoord.

Ik voel me ontheemd. Het voelt als vroeger, het ruikt als vroeger, het zeewater kan ik bijna proeven.

Het lijkt erop.

Maar het is het niet…


En weer ben ik verdwaald, verdwaald in mijn hoofd, in de kamers die daar zijn.

Losse kamers, zonder plattegrond…

 

Een zucht.

Ik open mijn ogen en verzamel moed om weer een dag onder ogen te komen.

Het warme hondenlijfje naast me rekt zich nog eens uit, gaapt, kruipt naar boven en geeft me een wasbeurt die ik blijkbaar zeer nodig had.

Ik ril van de kriebels die ik ervan krijg en voel me weer in het nu van vandaag zakken.

 

Kom jongen we gaan opstaan, hij kijkt me vertwijfeld aan en blijft net zo lang wachten tot ik echt zit, mijn sloffen aan heb, het dekbed heb om geslagen, het raam dicht.

De trap af, rillingen, het is koud beneden.

De dag gaat weer beginnen, aankleden, en met elke stap die ik zet zak ik een beetje meer in de werkelijkheid, de werkelijkheid die pas echt word als ik de voordeur open doe om aan de 1e wandeling van de dag te beginnen.

De dag dringt zich aan me op.

 

Kinderen fietsen voorbij, auto’s toeteren en piepen bij het remmen, honden blaffen, volwassenen schieten je voorbij op de fiets in hun haast om te werken, of de trein te halen, of de kinderen weg te brengen en ondertussen dwaal ik in mijn hoofd van kamer tot kamer…

 

Als in een waas trekt de dag aan me voorbij, ik weet dat er een zebrapad is maar dat ik er daadwerkelijk moet stoppen dringt vaak net iets te laat door.

Gelukkig heb ik mijn hond geleerd te stoppen, ik voel de lijn verslappen wat mijn aandacht trekt, hee de hond zit…oh ja een zebrapad, ik gooi snel de deur in mijn hoofd dicht en richt me op het verkeer. Met een ferme JA geef ik het teken dat we over kunnen steken meestal trekt de hond aan de lijn ten teken dat ik door moet lopen, een zebrapad is niet om te lanterfanten tenslotte.

Ik slaak een kleine zucht van verlichting als we de overkant gehaald hebben, het teken dat we succesvol pubers op fietsen en juppen in auto’s hebben vermeden.

 

Martine

terug naar groepsopleiding 3 dames met autistische beperking


Home